Profiel Frida Holleman

Voor Frida Holleman (1908-1999) was tekenen en schilderen van jongs af aan het belangrijkste dat er was. Zij gebruikte haar schetsboek en potlood zoals een ander de camera hanteert. Ze was actief tot vlak voor haar dood. Frida Holleman heeft dan ook een zeer omvangrijk oeuvre nagelaten. Zij heeft schilderijen, tekeningen, aquarellen, schetsen, enz. die bij haar in bezit waren aan de Stichting Kunstbezit Frida Holleman (SKFH) overgedragen. Ook heeft de Stichting werken van Frida’s hand verkregen door schenking door derden. 
De Stichting Kunstbezit Frida Holleman is in 1996 opgericht om de kunstzinnige waarde van het werk van Frida Holleman in stand te houden en haar naam als kunstenares levend te houden. De Stichting tracht haar doel voornamelijk te verwezenlijken door het voeren van het beheer over het kunstbezit.

Korte biografie van Frida Holleman

Er ging vrijwel geen dag voorbij zonder dat Frida tekende of schilderde. Haar hele, lange leven heeft zij gewijd aan het voortdurend vastleggen van de haar omringende wereld in potlood, krijt, aquarel en olieverf. Tot op hoge leeftijd maakte ze talloze reizen in eigen land en naar het buitenland met steeds het potlood en papier in de aanslag. 


Het liefst maakte Frida buiten in de natuur schetsen die ze naderhand uitwerkte in aquarel of in olieverf. Vooral Vlieland en op zee was Frida in haar element. Als kind van drie jaar kwam ze met haar familie voor het eerst naar Vlieland. Het werd een liefde voor het leven ze kwam bijna jaarlijks naar dit Waddeneiland. In 1923 verliet Frida wegens ziekte het gymnasium en vanaf toen kon zij zich tot haar vreugde geheel wijden aan tekenen en schilderen. 
Tussen 1929 en 1930 volgde ze tekenlessen bij Henk Meyer aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten. 
In de jaren 1930 en 1931 nam ze achtereenvolgens lessen bij Stanhope Forbes in Engeland (Penzance) en bij Adrien Holy in Parijs. 
Terug in Den Haag vroeg ze de bekende schilder Toon Kelder om adviezen. 
In 1936 maakte ze de eerste grote reis van haar leven. Ze ging broer Frits in Libanon bezoeken. 
In Indië waar ze in 1937 naar toe ging met broer Wim die daar een baan had gekregen, raakte ze bevriend met het op Bali wonende kunstenaarsechtpaar Wim en Maria Hofker. Op advies van Wim Hofker ging ze nat-in-nat schilderen waardoor haar werk spontaner werd. 
Tussen 1942 en 1945 werd ze geïnterneerd in Japanse kampen. Ook daar bleef ze dagelijks -in het geheim- tekenen en aquarelleren. 
Direct na de oorlog keerde ze terug naar Nederland en ging in Voorburg wonen. 
Toen ze bijna 40 was nam ze weer lessen, aan de kort tevoren opgerichte Vrije Academie in Den Haag bij Jan van Heel. De collegiale vriendschap met Harm Kamerlingh Onnes waarmee ze veel samenwerkte, was eveneens van invloed op haar werk. 
Het werk van Frida heeft in haar lange creatieve leven geen spectaculaire veranderingen ondergaan. Toch is er wel degelijk een ontwikkeling te zien in haar schilderijen en vooral in haar vele tekeningen en aquarellen. Met de jaren werd haar werk rijper en losser. 
Ze heeft een enorme vaardigheid bereikt in het raak weergeven van wat ze zag. Haar werk wekt de indruk zonder moeite te zijn gemaakt. Het is een plezier om naar haar snelle schetsen en aquarellen te kijken waarin zij als een fotojournalist het juiste moment neerzet. 
De manier waarop ze haar onderwerpen weergeeft, verraadt steeds een liefdevolle aandacht en een optimistische kijk op het leven en vooral interesse in mens, dier en natuur. Je ziet én voelt de beweging op het platte vlak. 

In 1998 ontving ze op haar 90ste verjaardag van de gemeente Voorburg de Hofwijckprijs voor haar hele oeuvre. 

Literatuur 

  • Ina Versteeg: "Frida Holleman, een trefzekere uitbeelding van de wereld" (gedenkboek) 2008 
  • Wouter Welling: "Frida Holleman, de wereld in een zandkorrel" (monografie) 1998 
  • Dorien Wijstma: "De wereld door de ogen van Frida Holleman", 'Atelier', mei/juni 2003 no.104
  • Krantenartikelen door de jaren heen in onder andere 'Haagsche Courant', 'Het Binnenhof',  'Het Vaderland'